KvK: het gaat weer heel goed in Brabant
Datum: 12/12/2006
Voorzitter Jacques van de Vall van de Kamer van Koophandel Oost-Brabant is er heel duidelijk over. „Het gaat weer fantastisch met de economie in ons gebied. De omzetten zijn gegroeid en de prognoses voor 2007 zijn prima.”
Van de Vall presenteerde gisteren de cijfers van de jaarlijkse Enquête Regionale Bedrijfsontwikkeling, waaraan 3000 ondernemers in Oost-Brabant meewerkten. Opvallend is dat Zuid-Oost Brabant (het gebied Eindhoven-Helmond) minder hoog scoort dan Noord-Oost Brabant (Den Bosch en omgeving), hoewel het zuidoosten te boek staat als een economisch sterker gebied.
De verklaring is dat het zuidoosten altijd eerder piekt dan de rest van Brabant. Uit recent Rabo-onderzoek bleek dat die eerste piek al geweest is. Het noordoosten zet nu de opwaartse lijn in.
„We zitten alles bij elkaar dik boven het nationale patroon. Ons gebied scoort in zulke onderzoeken ook altijd wat extremer. Dat komt omdat we meer dan het nationale gemiddelde afhankelijk zijn van de wereldhandel. Nu die aangetrokken is heeft dat direct zijn weerslag op ons.”
Van de Vall kijkt al over de uitstekende cijfers heen. „Je moet altijd door je oogharen heen kijken naar wat minder gunstig is. Dan zie ik dat de bereikbaarheid van de regio de komende jaren heel veel problemen oplevert. Dat geldt voor zowel Den Bosch als Eindhoven. De A2 verschaft ons nog tijdenlang ellende. Daar is niks aan te doen, maar we moeten wel proberen om de pijn te verzachten. We hebben suggesties. Probeer vanuit Utrecht minder doorgaand verkeer richting Maastricht via Den Bosch en Eindhoven te loodsen, probeer toch maar zoveel mogelijk mensen het openbaar vervoer in te krijgen en zorg ervoor dat je het goederenvervoer beter spreidt door meer over spoorwegen en vaarwegen te sturen. Tien tot twintig procent minder verkeer in de spits, dat zou mooi zijn, maar wel moeilijk te realiseren.”
Hij constateert ook dat Oost-Brabant onderhand veel te krap zit in bedrijventerreinen. „In tijden van laagconjunctuur wordt minder aangelegd, dat is hier ook gebeurd. In de praktijk duurt het 8 tot 10 jaar voordat er daarna iets tot stand is gebracht. Je zou eigenlijk anti-cyclus bedrijventerrein moeten aanleggen, vinden wij. Overal hebben we bijna niks of helemaal niks in voorraad. Het gevaar is dat bedrijven uitwijken. In België staat Lommel al te wenken.”
Zijn derde kanttekening gaat over de arbeidsmarkt. De terugloop in de werkloosheid nadert het punt waarop frictiewerkloosheid bereikt wordt, het minimale aanbod van arbeidskrachten.
Van de Vall wil naar een situatie dat bedrijven bij een neergang minder snel mensen lozen, die ze in tijden van opgang juist niet kunnen vinden. „We zouden dat beter moeten verdelen. Er moet een landelijke regeling komen die het bedrijven in staat stelt mensen vast te houden als het wat minder gaat. Die kunnen ze dan een tijdlang goed opleiden om ze voor te bereiden op betere tijden. Ik heb dat ook aangekaart bij VNO-NCW-voorzitter Wientjes en MKB-voorzitter Hermans. Helaas krijg ik weinig respons. Elders wordt die hevige op- en neergang kennelijk als iets typisch voor deze regio ervaren.”
Bron: Henk van Weert, Eindhovens Dagblad




